In balans komen begint bij zintuiglijke prikkels, hoe je onder en overprikkeling leert herkennen en erkennen
Share
Zintuiglijke prikkels vormen de basis van hoe we ons voelen, gedragen en reageren. Of het nu gaat om geluiden, geuren, licht, aanraking of beweging – alles wat via onze zintuigen binnenkomt, bepaalt mede of we ons in balans voelen of juist uit evenwicht raken.
Een krachtig model om dit proces te begrijpen is de zogeheten Window of Tolerance. Denk aan een raamkozijn waarin drie vlakken zichtbaar zijn: bovenaan het raam oranje, in het midden groen, onderaan weer oranje. Boven het raam staat “overprikkeld” in rood, en onder het raam “onderprikkeld” in blauw. Dit raam laat zien hoe je je op verschillende momenten kunt voelen – en vooral hoe prikkels daar invloed op hebben.
De aanloop naar disregulatie
Vaak denken we dat iemand óf volledig overprikkeld is, óf compleet onderprikkeld. Maar er gaat meestal een aanloop aan vooraf. Disregulatie – de oranje zones in het raam – is die subtiele fase waarin je merkt dat het niet helemaal lekker loopt, maar waarin je nog wél iets kunt doen. Het is een cruciaal keerpunt. Het probleem is dat deze fase vaak niet herkend wordt. Terwijl juist hier nog de ruimte zit om terug te keren naar balans.
Voor mensen met een kleinere "in balans"-zone geldt dit des te sterker. Zij bewegen sneller richting disregulatie, omdat hun tolerantie voor prikkels kleiner is. Herkennen wat er gebeurt op het moment dat je nog net niet uit balans bent, is essentieel om te voorkomen dat je doorschiet naar over- of onderprikkeling.
Disregulatie door teveel prikkels
Wanneer je te veel prikkels ervaart, kom je in het oranje bovenvlak terecht. Dit voelt vaak als:
- Overweldiging
- Gejaagdheid
- Prikkelbaarheid
- Concentratieverlies
- Fysieke spanning (strakke kaken, schouders, snelle ademhaling)
Wat kun je doen?
- Beperk input: sluit je even af van geluid, fel licht of drukke omgevingen.
- Diep ademhalen: rustige, diepe buikademhaling kalmeert je zenuwstelsel.
- Zintuiglijk kalmeren: gebruik oordoppen, wikkel jezelf in een deken, kauw langzaam op iets of houd iets zwaars vast.
- Rustige beweging: langzaam wandelen of wiegen kan helpen om spanning af te voeren.
Disregulatie door te weinig prikkels
Ook een tekort aan prikkels kan leiden tot disregulatie. Je komt dan in het oranje ondervlak terecht. Mogelijke ervaringen:
- Futloosheid of leegte
- Moeite om op gang te komen
- Onrust door verveling
- Gevoel van disconnectie
- Weinig energie, maar geen echte ontspanning
Wat kun je doen?
- Activeren van zintuigen: ruik aan etherische olie, luister naar ritmische muziek of gebruik een fidget-tool.
- Beweeg kort maar krachtig: springen, shaken of even buiten lopen om je systeem aan te zetten.
- Structuur aanbrengen: stel kleine doelen, maak een lijstje en vink af – dit helpt je hersenen focussen.
- Warme/koude prikkels: was je gezicht met koud water of neem iets warms in je handen.
De kracht van het groene midden
De groene zone in het midden van het raam is de staat van balans. Hier voel je je helder, kalm, alert en verbonden. Je kunt reageren op situaties zonder te veel of te weinig spanning. Voor veel mensen is deze zone niet vanzelfsprekend groot. Het vraagt aandacht en oefening om er vaker in te blijven en er sneller naar terug te keren als je er even uit raakt.
Tot slot
Balans vinden draait niet om vermijden van alle prikkels – het gaat om bewust omgaan met de hoeveelheid en het soort prikkels die je toelaat of juist opzoekt. De fase van disregulatie is daarbij hét moment waarop je nog kunt bijsturen. Door te leren luisteren naar je lichaam en zintuigen, en actief te reguleren, vergroot je je veerkracht.
Zodra je weet hoe jouw lichaam reageert op teveel of te weinig prikkels, wordt het makkelijker om binnen het groene vakje te blijven. En dat is precies waar rust, helderheid en verbinding te vinden zijn.